Speciale onderwijsleermiddelen

De cel Speciale Onderwijsleermiddelen (SOL) van AGODI kent hulpmiddelen toe

  • aan leerlingen met een functiebeperking die de lessen volgen in een basisschool of een secundaire school voor gewoon onderwijs;
  • aan studenten uit het hoger onderwijs;
  • aan cursisten uit de basiseducatie en het volwassenenonderwijs.

Leerlingen die de lessen volgen in een basisschool of een secundaire school voor buitengewoon onderwijs komen niet in aanmerking. Ook leerlingen, studenten of cursisten met een leerstoornis komen niet in aanmerking.

Wat zijn speciale onderwijsleermiddelen?

Hulpmiddelen die personen met een functiebeperking toelaten om het onderwijsleerproces in een gewone school te volgen en die de beperkingen geheel of gedeeltelijk opheffen.

Welke ondersteuningsvormen biedt de cel Speciale Onderwijsleermiddelen aan?

De speciale onderwijsleermiddelen omvatten onder andere technische apparatuur, zoals een leesloep of brailleleesregel, ergonomisch meubilair of omzettingen van leerboeken en studiemateriaal in (digitale) braille of grootletterdruk. Ook de kosten voor herstellingen van toegekende hulpmiddelen kunnen in aanmerking komen voor financiering. Een nominatieve lijst met hulpmiddelen die in aanmerking komen voor financiering bestaat niet.

In het volwassenenonderwijs kunnen speciale onderwijsleermiddelen niet gebruikt worden voor de aankoop of herstelling van technische apparatuur en ergonomisch meubilair.

Naast technische apparatuur, ergonomisch meubilair en omzettingen van lesmateriaal biedt de cel Speciale Onderwijsleermiddelen ook ondersteuning aan aan leerlingen, studenten en cursisten met een auditieve functiebeperking. Deze ondersteuning bestaat uit de financiering van tolkuren Vlaamse Gebarentaal, schrijftolkuren en de financiering van kopieën van notities van medeleerlingen of -studenten.

Hoe kan ik ondersteuning aanvragen?

Voor het basis- en secundair onderwijs gebeurt de aanvraag door de directeur  van de school. Voor leerlingen die additionele hulp krijgen in het kader van het ondersteuningsmodel (het vroegere GON), kan dit in overleg gebeuren met het ondersteungingsteam (de leerling en/of de ouders, de school voor gewoon onderwijs, het begeleidend clb en de ondersteunende school voor buitengewoon onderwijs).

Voor leerlingen die geen extra ondersteuning krijgen in het kader van het ondersteuningsmodel, worden meestal de volgende partijen betrokken: de leerling en/of de ouders, de directeur van de school voor gewoon onderwijs en de verantwoordelijke van een begeleidingsdienst (bv. CLB-centrum).

Voor het hoger onderwijs gebeurt de aanvraag door  de verantwoordelijke voor de studentenbegeleiding van de hogeschool of universiteit.

Voor het volwassenenonderwijs gebeurt de aanvraag door de directeur van het centrum.

Voor alle aanvragen geldt het principe dat er geen financiering gebeurt zonder de voorafgaandelijke toestemming van AGODI. De toegekende hulpmiddelen worden volledig en rechtstreeks betaald aan 

de leverancier en blijven eigendom van AGODI (voor zover het over concreet materiaal gaat), maar de school is verantwoordelijk voor het beheer ervan. Een gedeeltelijke (terug)betaling is daarom niet mogelijk.

Aangekochte hulpmiddelen kunnen worden doorgegeven aan andere leerlingen of studenten. Hierbij staat AGODI in voor de opvolging en de overdracht van deze hulpmiddelen. 

Waar kan ik terecht voor meer informatie?

Meer informatie over de procedure voor de financiering van speciale onderwijsleermiddelen kan u terugvinden in één van onze omzendbrieven. 

Basis- en secundair onderwijs:

Hoger onderwijs

Volwassenenonderwijs